Gepubliceerd op donderdag 01 november 2018

Waarom de eikenprocessierupszaak werd uitgemeten in de media

door mr. Ellis Verhoeven

Recent is in de media aandacht besteed aan de vordering van een vakantieganger jegens een Overijssels vakantiepark. De man had via een letselschade­bureau het park aansprakelijk gesteld voor zijn letsel, dat ontstond doordat in een eikenboom op het park een nest eiken­processie­rupsen zat. Het slachtoffer was regelmatig te vinden op een bankje onder de boom. Door contact met de haren van de rups kreeg hij last van hevige jeuk op beide armen en ontstekingen. Slapeloze nachten en een verpeste vakantie waren het gevolg.

Volgens de belangenbehartiger van de benadeelde had het vakantiepark onderzoek moeten doen naar de aanwezigheid van de rups op het terrein. Indien het beestje bij controle werd aangetroffen, had het park maatregelen moeten nemen. Men had kunnen weten, zo wordt gesteld, dat tijdens de zomermaanden een verhoogde kans bestaat op de aanwezigheid van de rups. Daarbij zou het plaatsen van een bankje onder een eikenboom moeten leiden tot een grotere zorgplicht. De directie kwam pas in actie nadat de man zijn beklag had gedaan.

De brandharen van de eikenprocessierups zijn pijlvormig en worden door de wind verspreid. Zij kunnen tot bijzonder vervelende klachten leiden bij mensen, maar bijvoorbeeld ook bij honden. De haren kunnen de huid, de ogen en de luchtwegen binnendringen en daar voor allergische reacties zorgen als jeuk, huiduitslag, benauwdheid en oogirritaties. In het algemeen verdwijnen de klachten binnen enkele dagen tot weken. De laatste 20 jaar komt de eikenprocessierups (helaas) steeds meer voor in Nederland.

Aannemelijk is dat de benadeelde schade heeft als gevolg van de eikenprocessierups. Het was echter de vraag of een vordering in de richting van de beheerder van het vakantiepark kans van slagen had. Het letselschadebureau dat door de man in de arm is genomen stelt op de website van wel. Het bureau verwijst ook naar aanbevelingen van de Voedsel- en Warenautoriteit uit 2011. Op grond daarvan zouden gemeenten, eigenaren van bomen en parken en wegbeheerders de rups actief moeten bestrijden.

Het niet of onvoldoende opvolgen van een aanbeveling van de Voedsel- en Warenautoriteit leidt niet automatisch tot aansprakelijkheid. Daarvoor is het nodig dat het niet-handelen van de eigenaar van het vakantiepark onrechtmatig is geweest jegens de benadeelde en dat de eigenaar dit kan worden toegerekend. Daarvoor moet komen vast te staan dat het park had moeten controleren op de aanwezigheid van de rups. Het is de vraag of gesteld kan worden dat de zorgplicht van het park zover gaat.

Indien dit wordt aangenomen zou een park wellicht ook moeten controleren op de aanwezigheid van andere schadelijke dieren als wespen en muggen, die overal in de natuur voorkomen. Een ander vereiste voor het vaststellen van een onrechtmatige daad is dat er causaliteit moet zijn tussen de nalatigheid en de lichamelijke klachten. Van de brandharen van de eikenprocessierups weten we dat deze nog jarenlang na het bestrijden van het nest aanwezig kunnen zijn. Het staat dan ook niet vast dat het bestrijden van dit specifieke nest de klachten had kunnen voorkomen. Bovendien zou de eigenaar van het park kunnen stellen dat de benadeelde de klachten elders opliep.

Het lijdt geen twijfel dat de meneer in kwestie door de eikenprocessierups bijzonder vervelende klachten heeft opgelopen die zijn vakantieplezier hebben vergald. Of zijn claim in de richting van de eigenaar van het park haalbaar is, blijft voorlopig een juridisch interessante vraag. Inmiddels is namelijk duidelijk dat de verzekeraar van het vakantiepark heeft voorgesteld om de schade te regelen. Het park heeft er kennelijk voor gekozen om de schade, die in financiële zin beperkt is gebleven, te vergoeden en de negatieve publiciteit voor het park te beperken. Tot een uitspraak over de aansprakelijkheid is het daardoor niet gekomen.

Uiteraard is bij ons niet het hele dossier bekend. Wij moeten ons baseren op de publicaties over het onderwerp, waaronder die op de eigen website van het bureau. Het is echter onze ervaring dat in dit soort gevallen door goed overleg tussen betrokkenen, vaak een voor alle partijen acceptabele regeling kan worden getroffen. Het commercieel belang van het bureau dat bij deze kwestie is betrokken, is natuurlijk wel gebaat bij de publiciteit.

Ellis Verhoeven is NIVRE Register-Expert en mediator bij Letselschade.com

Geschreven door